Orbea Rallon

NEW: Orbea Rallon RS

Orbea Rallon RS – Big Mountain, Bigger Smiles

De Orbea Rallon RS – een naam die klinkt als pure bergpoëzie voor iedereen die leeft voor lange afdalingen, ruwe trails en pure flow. De nieuwe Rallon is niet zomaar een endurobike; het is een brute machine met downhill-DNA en toch verrassend veel klimvermogen. Perfect voor de rider die zijn grenzen opzoekt, op elke trail.

Orbea Rallon

Carbon precisie & downhill power

De Rallon RS wordt gebouwd rond een high-modulus carbon frame dat zowel stijfheid als verfijning levert. De geometrie schreeuwt “send it”: een relaxte balhoofdhoek, een langere reach en een effectieve zithoek, allemaal afgestemd op maximale controle bij hoge snelheid.
Met zijn 170 mm vork en 160 mm achtervering (Fox Factory setup bij de RS-uitvoering) voelt deze bike zich thuis in het ruwe terrein – stenen, wortels, drops… bring it on.

Slimme details, pure performance

Orbea pakt het slim aan met details die het verschil maken op de trail: geïntegreerde tool storage in het frame, ruimte voor een volledige bidon (jawel, zelfs bij een enduroframe), en een gedempte kettinggeleider die elke rit stiller en soepeler maakt.
De interne kabelgeleiding is strak weggewerkt en praktisch onderhoudsvriendelijk – iets wat mechanics én estheten kunnen waarderen.

Custom-geest: MyO personalisatie

Zoals we van Orbea gewend zijn, kun je via MyO je Rallon volledig personaliseren. Framekleur, decals, componenten – alles naar jouw smaak. Geen dertien-in-een-dozijn bike, maar een machine die eruitziet én rijdt als jouw signatuur.

Klimmen zonder drama, dalen met attitude

De Rallon RS trapt verrassend efficiënt omhoog. De balans tussen vering en stijfheid zorgt ervoor dat elk watt effectief wordt omgezet in momentum. Maar laten we eerlijk zijn: dit beest is gebouwd voor de afdaling – daar waar het pas echt telt. De Rallon gromt van plezier wanneer de trail steil, ruig en technisch wordt. En jij glimlacht, breed.

Trail conclusie

De Orbea Rallon RS is niet zomaar een endurobike. Het is een statement van wat moderne bergfietstechniek kan zijn – licht, stijf, verfijnd en vooral: bloedsnel. Of je nu jaagt op seconden tijdens een endurostage of gewoon bergaf wilt knallen met vrienden, de Rallon RS geeft je dat extra beetje vertrouwen om harder te pushen.

Kortom: als je gelooft dat plezier begint waar de trail ophoudt, dan is de Orbea Rallon RS jouw nieuwe partner in crime.


Bulgarije - Opkomend mountainbike mekka van Europa?

Bulgarije – het nieuwe (betaalbare) bike-mekka van Europa?

Je hebt soms van die buitenkansjes die je niet helemaal zag aankomen. In onze mail verscheen een berichtje van Benj over een gidsbedrijf genaamd Out of the Park, gevestigd in Bulgarije. We hebben op onze site ontzettend veel bikeparks staan, maar geen enkele in Bulgarije! We hadden überhaupt nog nooit gehoord van iemand die ging mountainbiken in Bulgarije…

Zonder ook maar iets te hebben uitgezocht, zijn we gegaan!

Terug naar de mail van Benj: na wat kort heen en weer gemaild te hebben, zijn we verder gegaan op WhatsApp en eigenlijk vrij snel besloten om te gaan. We moesten op Sofia (Bulgarije) landen, dus snel tickets geboekt voor een goede prijs — en we zien wel! Fietsen huren of meenemen? Al snel kwamen we tot de conclusie dat huren niet goedkoper is en dat het eigenlijk ook wel fijn is om onze eigen fietsen te hebben.

Zelf hebben we geen reistassen voor de fiets. We zijn ooit eens met een fiets in een grote doos gevlogen en dat was een absoluut rampzalige ervaring! Dus gezocht naar een partij die Evoc-fietstassen verhuurt. We kwamen uit bij Melvin van MH Verhuur via sportrental.nl — gelijk leuk contact, en Melvin wilde ons helpen met twee tassen. Melvin is al jaren actief in de verhuur binnen de fietssportsector en heeft een mooie collectie aan reistassen, hometrainers en racefietsen. Tof dat iemand de stap heeft gezet en fulltime in deze business werkt!

Tassen geregeld, tickets geboekt — let’s go!
Ons thuisfront: “Waar gaan jullie eigenlijk precies heen?”
Goede vraag… geen idee! We laten het wel weten als we er zijn. 😄

Vervallen of nooit afgebouwde resorts – welkom in skiresort Bansko!

In Sofia werden we opgehaald door Chris, een van de eigenaren van het gidsbedrijf Out of the Park. Chris is een Brit en de zwager van Benj, de andere gids en eigenaar. We moesten ruim twee uur rijden naar Bansko. In Sofia word je direct geconfronteerd met dat typische “oude Oostblokgevoel”. Wat we van Sofia zagen, gaf niet direct zin om te blijven. Zodra je de stad uitrijdt, wordt het gelukkig snel beter — de wegen zijn prima!

Onderweg rijden we langs meerdere natuurparken en zien we meteen de gemiddelde architectuur van het land. Huizen zijn vaak half afgebouwd, niet gestuct of zelfs vervallen. Desalniettemin is de natuur schitterend, en de bergen ogen indrukwekkend.

Eenmaal in Bansko aangekomen doemen de onafgebouwde resorts op — enorme complexen die nooit zijn afgemaakt. De omgeving staat er vol mee. Een bijzonder aanzicht. Chris vertelde dat de overheid hier nu actief op stuurt: investeerders krijgen de keuze om hun projecten af te maken of af te breken. De verwachting is dat het probleem elk jaar kleiner wordt.
Het centrum van Bansko is daarentegen juist erg mooi — een echt hedendaags skiresort. Er wordt volop nieuw gebouwd en in de winter schijnt het er behoorlijk druk te zijn!

We zijn hier om te fietsen — mountainbiken, beter gezegd.

Zoveel indrukken! Je kijkt je ogen uit naar de andere cultuur dan we gewend zijn. Vanaf onze gezellige B&B-achtige accommodatie worden we opgehaald met de shuttlebus en trailer. Vandaag gaat het beginnen: de trails in Bulgarije!

We starten met een lekker flowy trailtje. Benj wil eerst even checken wat iedereen kan. Een relaxte trail om mee te beginnen, die meteen een goed beeld geeft van het niveau. Veel trails zijn gemarkeerd en worden onderhouden door locals — waaronder Benj en Chris zelf.
Het is eind oktober, dus het einde van het seizoen. Na een extreem droge zomer heeft een recente regenperiode de trails juist weer in topconditie gebracht.

De tweede trail, na een korte shuttle omhoog en tien minuten relaxed klimmen, is meteen leuker: meer flow, wat toffe features en hogere snelheid. Nog niet “mind blowing”, maar prima opwarmers. We blijven nog relatief laag op de berg – echte warming-up trails dus.

Hoger op de berg – echte alpine trails

Tijd om hogerop te gaan! Je gaat vanzelf vergelijken met bekende mountainbikeplekken. De trails hier doen denken aan echte “alpine trails”, maar dan vanaf de boomgrens naar beneden: loamy stukken, wortels, her en der wat rotsen en losse stenen.
Je merkt dat er veel werk in de paden is gestoken — natuurlijke drops en jumps worden aangevuld met man-made features. Door de hevige regen liggen er af en toe wat extra obstakels op het pad, maar niets wat een biker tegenhoudt. Even afstappen en weer door!
We rijden hier in het Nationaal Park Pirin, dat direct grenst aan het dorp Bansko.

Het Rodopegebergte

We rijden niet alleen in het Pirin-gebied; vandaag starten we eerder, zodat we op tijd aankomen in het Rodope-gebergte. Het is een uurtje rijden, dus we hopen dat het de moeite waard is. Op de terugweg stoppen we nog bij een natuurlijke bron — zwembroek dus mee in de bus!

De shuttle klimt omhoog via iets wat ooit een weg was… heel lang geleden. Vanaf het hoogste punt waar de bus nog kan komen, moeten we nog twintig minuten verder klimmen. Geen zware klim, lekker gemoedelijk.

Hier liggen drie trails van elk ruim 10 kilometer — dus 30 kilometer afdalen vandaag!
Zonder ze allemaal te beschrijven: deze móét je zelf rijden.
Erg toffe trails, elk met een eigen karakter. Soms doet het denken aan Finale Ligure, soms aan Ainsa. Highspeed, technisch, alles zit erin!

Na afloop snel een bord kip met friet (vier euro!) en door naar de hotsprings. Vandaag was echt top – met big smiles kwamen we telkens beneden. Geen extreem hooggebergte, maar absoluut de moeite waard.

De hotsprings

We hadden er veel van verwacht, maar het bleek letterlijk een betonnen bak naast een vervallen gebouw. Verwachtingen even bijstellen, zwembroek aan en erin!
Het water schijnt “alles te genezen wat bestaat” 😉 — en eerlijk is eerlijk, ondanks de setting was het heerlijk ontspannen. Misschien hebben ze het hier juist beter begrepen: het kost bijna niets en je kunt toch lekker relaxen. In het westen betaal je bakken met geld voor luxe en sfeer, maar het effect is hetzelfde. Zeg het maar…

Dag 3 – helaas alweer de laatste dag

We zijn inmiddels aardig gewend aan het skidorp: de houtstook ’s avonds in elk huis, de slechte stoepen, het goedkope maar heerlijke eten en de gezellige pub op loopafstand. Morgen vliegen we terug, dus vandaag nog één keer vol genieten van de omgeving en de trails.

Chris rijdt ons naar dezelfde spot als dag één, maar we pakken andere trails. Er ligt hier genoeg variatie om meerdere dagen te kunnen rijden.
Na een opwarmertje gaan we helemaal omhoog met de bus en duiken opnieuw de alpine trails in — lange afdalingen vanaf de boomgrens naar beneden. Uitzichten? Prachtig.

Na een goede lunch pakken we nog wat trails op de eerste locatie en eindigen met een dikke afdaling richting een ander dorp.
Bansko is een skiresort, maar dit andere dorp – Dropinisthe – is echt een stap terug in de tijd. Wat opvalt: iedereen is supervriendelijk, overal. En dat is misschien nog wel het belangrijkste.

Na weer heerlijk gereden te hebben achter Benj aan, sluiten we af in een goed “Beef”-restaurant met duidelijk westerse prijzen. Die waren het echter volledig waard — serieus goed eten! Benj stuurde elke dag wel wat restauranttips, die we vrolijk negeerden… behalve vandaag. Gelukkig maar!

Bulgarije – Bansko, must-visit: ja of nee?

Mountainbiken kun je tegenwoordig bijna overal waar bergen zijn. Onze ervaring is: waar hoge bergen zijn, zijn ook goede trails. Sommige plekken vallen extra op door het aantal vette paden; andere door de sfeer, de reisbaarheid of gewoon de vibe van de plek.

Trailtechnisch is Bansko echt tof, maar de echte reden om hierheen te gaan is het totaalpakket. Chris en Benj zijn superrelaxte gasten die goed kunnen rijden. De andere cultuur, het ruige landschap en het feit dat het best makkelijk bereikbaar is, maken Bansko een absolute aanrader.

Wij hebben elke dag genoten van Bulgarije en de trails rondom Bansko. Het voelt als een regio met nog veel meer potentie. Het land werkt zichtbaar aan vooruitgang, en ook Chris en Benj bouwen samen met andere locals aan nieuwe routes.
Met andere woorden: het wordt elk jaar beter dan het vorige.

Must visit: ja — vooral vanwege het totaalpakket.
Cheers!


Race report: Trans Varaita Bike 2025 - terug naar het avontuur

Tekst: Bram van Boekholt
Fotografie: Carlo de Santis & Paolo Peirano

Het is drie jaar geleden dat we voor het laatst deelnamen aan de multi-day endurorace Trans Varaita. Maar gelukkig zijn we er weer! Dit is de zesde editie van het evenement en het format is ongewijzigd: 4 dagen endurowedstrijd met flink wat klimmeters op eigen kracht (dagelijks zo’n 1400 hm), een night-stage en een lekker compact deelnemersveld met ongeveer 100 man. Nieuw dit jaar is de toevoeging van duo-teams. Óók nieuw zijn vrijwel alle wedstrijdstages.

Op de 1.200 kilometerlange heenreis druppelen de wedstrijdbriefings langzaamaan binnen via de aangemaakte WhatsApp groep met alle deelnemers. Daarin zien we direct dat wij (Kees-Jan, Derk, Bram) één van de vijf Nederlanders zijn. Wél is er een nog grotere groep snelle Belgen, Schotten en Ieren én oud-prof Jerome Clementz. We zijn onder de indruk van hoeveel rappe rijders er zijn. Ook van de maar liefst (!) dertien dames, heeft zeker de helft Enduro Worldcups gereden.

Dag 1: battle de pro’s

Onze heenreis was lang en we zijn te laat om voor de eerste wedstrijddag al een beetje op te warmen op de fiets, maar we zijn precies vroeg genoeg om een biertje bij de lokale brouwerij te pakken. Omdat we dit jaar met de camper zijn, gaan we per wedstrijddag van startplek naar startplek rijden. Vandaag en vannacht blijven we ook bij de brouwerij in Piasco gratis overnachten op het grasveldje. Ideaal!
Net als voorgaande edities rijden we eerst een proloog: die telt niet mee voor de einduitslag, maar bepaalt wél de startvolgorde voor alle stages, de volgende dagen. Bovendien rijden we deze proloog nog een keer vanavond, als night-stage.

Enduro is geen downhill, dus die proloog heeft een akelig venijnig klimmetje erin zitten. Bij de finish verbaas ik me erom dat er gasten zijn die dat klimmetje omhoog konden fietsen. Oké. Ik ben dus blijkbaar niet zó fit en sterk. En ik rijd met de minste veerweg (140 mm Specialized Stumpjumper) en heb misschien wel de minste skills van het deelnemersveld. Goed, dan hebben we deze excuses maar al vast gemaakt 🙂 ik zal er niet nog een keer over beginnen.
Mijn stuurbordnummer (en startvolgorde) 62 is niet fantastisch, maar wel lol gehad. Vooral op Stage 1; de eerste officiële stage ná de proloog. Die is megasnel met een paar ruige stukken erin. Echt genieten! Met iets meer veerweg had ik die sneller kunnen doen… Oja, ik zou daar niet meer over beginnen 😉

Het mooie aan de Trans Varaita is dat je – door het kleine deelnemersveld – bijna alle deelnemers wel een beetje leert kennen en herkennen. De fantastische Italiaanse catering is ook alle dagen geregeld. Dus je schuift aan lange biertafels aan om samen van de pasta te smullen. Daarna kunnen de lampen op helm en stuur voor de night-stage. Vanavond gaat de startvolgorde andersom, dus de hoge startnummers duiken als eerst de trail in. Dat betekent dat ik nog in de schemering rijd, hoewel het in het bos tóch wel echt donker is. Het is jaaaren geleden dat ik in het donker heb gereden. En nu gelijk racen in het donker is heel vet. De finish is ook verderop gelegd: midden in het dorp, dus er is gelijk wat te doen voor de mensen hier in Piasco. Dat is ook wel tekenend voor de Trans Varaita: in deze vallei is weinig toerisme, maar de organiserende broers Margaria betrekken allerlei lokale ondernemingen bij het evenement. Én ze geven de community er iets voor terug: op dag 3 is ons gezamenlijke diner op het grote plein in Sampeyre mét een concert waar vooral de locals van smullen en uitgebreid voor gaan zitten.

Dat deze vallei niet toeristisch is, betekent vooral ook dat je allerlei oude dorpjes vindt met Italiaanse oudjes op het bankje voor de deur. Dus zeker geen aaneenschakeling van gelaterias en winkels met meuk. Maar juist typische kleine winkeltjes en slagertjes. Als ik een mortadella en taleggio wil meenemen voor thuis betekent dat dus geen snelle verkoop, maar een lange wachtsessie en veel hand-en-voettaal totdat de stokoude kaasboer z’n mes heeft gevonden.

Dag 2: duik & doppio

Terug naar het biken: de startlocatie is dagelijks op een andere plek. Van Piasco (dag 1) naar Pontechianale (dag 2). We glippen al bijna in de slaapzak, maar bedenken dat het tóch wel lekker is om na de night-stage al door te rijden naar een plek bij de volgende startlocatie. We komen ‘s nachts aan op een camper-camping – onze enige niet-wildkampeerspot. En omdat deze plek op zo’n 1.600 meter ligt, is het hier gelijk een stuk frisser.

De eerste klim is vrijwel volledig een hike-a-bike van zo’n 400 hoogtemeters. De beloning van de stage is er helaas niet echt. Het is echt harken tussen mega-rotsen door en met weinig flow. Afzien met een hoge hartslag en wat kleine crashes. Dit blijkt voor iedereen wel te gelden. De volgende transfer is grotendeels wel te fietsen, op mijn trailbike zoef ik een hoop gasten voorbij over het asfalt en de gravelroads. Maar het is nog een lange 1.000 hoogtemeters klim. Het voelt echt alsof we steeds verder van de bewoonde wereld af zijn en het genieten neemt daardoor eigenlijk alleen maar toe. En met de lengte van de klim, weten we ook dat de afdaling een flinke zal zijn.
Deze stage is wel echt genieten. Aan de noordkant van een steile berg, dus nog een beetje nattig van de koude nacht en met secties donker bos. Omdat ik met startnummer 62 wat later in het deelnemersveld zit, zijn de “french lines” goed te spotten! Die leveren telkens toch weer een seconde tijdwinst op. Maar het is wel hard voor het lijf: ik moet halverwege met twee vingers gaan remmen om nog een beetje controle te houden. Hoppa! Finish van de dag bij het meer. En natuurlijk met een goede lunch, doppio’tje en een plons in het stuwmeer.

Dag 3: no stress

Na de plons van gistermiddag zijn we doorgereden naar Sampeyre, waar ook de daghuldiging en happy hour is. De enorme lunch zorgt ervoor dat ik niet eens mijn pizza in de avond op krijg. Mooi dus een ontbijtje voor morgenochtend. Onze kampeerspot is tegenover de start: de enige stoeltjeslift die we deze wedstrijd pakken. We weten dat ‘ie heel traag draait. Héél traag. En wanneer de rij gevormd wordt, hebben wij weinig haast om aan te sluiten. We gaan praktisch als laatst omhoog om daar te beginnen aan de transfer van meer dan 10 kilometer met mooiste uitzichten. De stage is genieten: stijl in het begin, snelle secties, verse bosgrond. En ik blijf me maar afvragen wanneer ik Kees-Jan nou in het zicht krijg, die voor mij startte. Ik krijg ‘m helaas niet in de smiezen… Maar wel dikke high fives bij de finish.

De “fermeur” (die als laatste alle stages afsluit) komt kort erna langs. Even opletten dat we de juiste gpx volgen, hoor. want de verbindingsstukken zijn niet aangegeven. Het is wel de mooiste verbinding die je kunt bedenken. Al is Kees-Jan niet helemaal scherp meer en dondert ‘ie ergens een paar meter de diepte in. En dit is niet eens een wedstrijd-stage. Naarmate we verder komen, herken ik de start van de stage. Dit is de enige afdaling die we al eerder hebben gereden in 2022. Die geeft me wel zoveel vertrouwen dat ik er met meer snelheid overheen vlieg en dat maakt dat dit ook de enige stage is die ik van ons drieën win. Het gaat allemaal om de onderlinge strijd, he.

Dag 4: zijn we er bijna?

Na het gezamenlijk diner (wat ook weer inclusief was bij de inschrijving) op het dorpsplein van Sampeyre rijden we in het donker door naar de start van de laatste wedstrijddag. En dat is helemaal geen slechte keuze. We zitten hier zo diep in de vallei, ver van steden en dorpen en op een goede hoogte, op een hele heldere nacht zónder maanlicht. Dat betekent dat de sterrenhemel echt overweldigend is. Dit is absoluut de donkerste nacht die ik ooit heb meegemaakt en met de meeste sterren. We blijven kijken tot we een stijve nek krijgen. En het enige andere lampje wat we zien is het race-transponder-polsbandje dat we nog dragen.

De klim is een brute; dat wisten we al. En de vermoeidheid hakt er ook aardig in. De 900 hoogtemeters-klim is voor een heel groot deel hike-a-bike naar een hoogte van 2.800 meter. We beseffen maar weer eens dat we ontzettend veel geluk hebben met het goede weer van de afgelopen dagen. Zo’n Alpiene afdaling als dit is natuurlijk best een risico in een wedstrijd, want met een beetje slecht weer zal dit te lastig bereikbaar zijn. Nu moeten we op 2.800 meter uiteraard alleen even een jasje aan wanneer we bezweet staan te wachten op onze starttijd. Een aantal lammergieren cirkelt rondjes boven ons. In deze wijdsheid voel je je echt klein.
Bruno, de wedstrijdspeaker, hyped ons nog even op voor de allerlaatste afdaling van de Trans Varaita 2025. De stage is bijna 7 kilometer en dat valt natuurlijk niet compleet af te linten. Bovenin zijn enkele poortjes gemaakt waar je doorheen moet, maar verder mag je spoorzoeken omdat hier in de hoogste secties een echte vaste trail ontbreekt. Dwars door het veld en rotsen blijkt Kees-Jan een dubbele lekke band te rijden (voor en achter). Ik passeer en ga eigenlijk best lekker, al is het echt knijpen om het stuur nog vast te kunnen houden. Na een gemeen kort klimmetje is de focus even weg en crash ik onbenullig. Ai, die doet pijn. Ik wacht. Raap de rotzooi op die uit mijn hipbag is gevallen. Zwaai mijn armen en ga weer door. Het is nog een eind, maar heel mooi. Eens kijken hoe hard ik op dat laatste stuk nog durf te gaan… BAM! We zijn er. Alleen maar blije gezichten. Kees-Jan heeft nog een trailrun voor de boeg om met de lekke banden beneden te komen, dus Derk en ik zijn al ingepakt en hebben de camper-buitendouche gepakt als hij aankomt.

Na een laatste flinke Italiaanse maaltijd volgt de huldiging. De podiumgasten waren echt zoveel rapper dan wij, ongelofelijk. Glenn MacArthur wint deze editie.
We bedanken de organisatie en vrijwilligers en zetten koers naar Nederland.

In december zal de inschrijving voor de 2026-editie weer openen. Zo’n avontuur met pure Italiaanse belevingen en kameraadschap smaakt toch weer naar meer! Check: transvaraitabike.com


Gravel Beyond – Bianchi verlegt de grenzen van Gravel

Bianchi onthult de 2026 Gravel Range

In het adembenemende decor van het Italiaanse Castello di Casole presenteerde Bianchi zijn nieuwste gravelcollectie voor 2026. Onder de noemer “Gravel Beyond” toont het merk een duidelijke visie: de grenzen van terrein en categorie doorbreken, en de perfecte balans vinden tussen performance, avontuur en pure rijbeleving.

De collectie bestaat uit vernieuwde kleuren voor de high-end carbonmodellen Impulso (RC, Pro en Comp) en Arcadex (Pro en Comp), én twee gloednieuwe aluminium fietsen: de Arcadex AL en de Via Nirone 7.

Impulso – Gravelracing op topniveau

De Bianchi Impulso blijft hét referentiepunt binnen de gravelracerange van het merk. Geboren voor snelheid en competitie, blinkt hij uit in aerodynamica en lichtgewicht prestaties. Zijn race-DNA werd onlangs bevestigd door Nico Roche, die met een Impulso de UCI Gravel Wereldtitel behaalde in de Master 40-categorie.

De Impulso is verkrijgbaar in drie varianten – RC, Pro en Comp – en krijgt in 2026 nieuwe kleurstellingen:

  • Terra met grafietdetails
  • Celeste met grafietdetails
  • Grijs met zwarte accenten

De topversie, Impulso RC, maakt bovendien deel uit van het exclusieve Officina Bianchi-project. Daarmee kunnen rijders hun fiets personaliseren via zes luxueuze afwerkingen – een unieke kans om prestaties te combineren met Italiaanse elegantie.

Arcadex AL – Aluminium avontuur zonder grenzen

De Arcadex staat al bekend als dé fiets voor rijders die graag buiten de gebaande paden treden. In 2026 breidt de lijn uit met de Arcadex AL, een premium aluminium model dat avonturiers aanspreekt die gravel willen ontdekken zonder in te leveren op stijl of prestaties.

Dankzij het hydroformed aluminium frame oogt de Arcadex AL strak en modern. De geometrie is geoptimaliseerd voor banden tot 50 mm breed, met semi-geïntegreerde kabelgeleiding en compatibiliteit met een verende voorvork.

De fiets is bovendien uitgerust met bevestigingspunten voor tassen en accessoires, ideaal voor bikepacking en lange tochten.

Beschikbare kleurstellingen:

  • Turquoise met Celeste vork
  • Lichtgroen met Forest Green vork
  • Burgundy Red met Coral Red vork (launch edition)

Via Nirone 7 – Toegankelijke allroad gravelbike

De Via Nirone 7 is Bianchi’s meest toegankelijke gravelbike tot nu toe – ideaal voor wie de overstap wil maken van wegfiets of MTB naar het gravelavontuur.

Het volledig vernieuwde aluminium frame is gecombineerd met een carbon voorvork en geschikt voor zowel 1x als 2x aandrijvingen. De Via Nirone 7 is wendbaar, stabiel en ontworpen voor rijders die multisurface fietsen en bikepacking willen ontdekken zonder concessies te doen aan comfort of looks.

De fiets is bovendien compatibel met het nieuwe Bianchi geïntegreerde carbon stuur, speciaal ontwikkeld voor gravelgebruik.

Verkrijgbaar in twee kleurstellingen:

  • Yellow Graphite
  • Celeste Graphite

Gravel Beyond – Meer dan een slogan

Met de 2026-collectie bevestigt Bianchi zijn ambitie: Gravel Beyond is geen marketingterm, maar een filosofie. Het gaat om fietsen die prestaties en plezier combineren – of je nu racet, traint of de wereld wilt verkennen.

Van de aerodynamische Impulso RC tot de avontuurlijke Arcadex AL en de toegankelijke Via Nirone 7 – Bianchi biedt voor elke gravelrijder een passende keuze.

Treviglio (Italië), 16 oktober 2025


Beste mtb trails in Noorwegen

Op zoek naar de beste MTB trails in Noorwegen

Op zoek naar de beste MTB trails in Noorwegen

In deze serie gaat Joar Paganus op zoek naar de beste, meest unieke en epische routes van Noorwegen. Hij rijdt onder andere hoge bergtoppen, natuurlijke stroming, enduro- en downhillroutes. De reis begint in Noord-Noorwegen, maar blijf op de hoogte zodra er meer locaties worden toegevoegd.


Fjällvila UppTäcka review – Onze ervaring met de Nederlandse hardcover daktent

Fjällvila UppTäcka – Van Formule 1-camping tot bergtop

Sommige avonturen beginnen niet op een trail, maar op een plek waar je het totaal niet verwacht.
In dit geval: een Formule 1-camping in Oostenrijk.

Ik (Rik) was daar op uitnodiging van een vriend om, als Nederlander, natuurlijk Max Verstappen aan te moedigen. De sfeer was chaotisch — overal tenten, bier, en oranje vlaggen — maar tussen dat alles viel één ding me direct op: een prachtige, superstrakke daktent op een Porsche Cayenne. Niet die logge, vierkante variant die je vaak ziet, maar een rank model met een minimalistisch design. Plat, stijlvol en ogenschijnlijk razendsnel op te zetten. Dat wekte mijn nieuwsgierigheid.

Ik moest weten wat dat was.

Eenmaal terug begon het speurwerk. Het specifieke model van die Cayenne kon ik niet vinden, maar mijn zoektocht bracht me bij iets gelijkwaardigs: de Fjällvila UppTäcka.
Een Nederlands merk, degelijk design, aandacht voor detail — en eerlijk gezegd ook gewoon een naam die meteen lekker bekt. Dus dacht ik: waarom niet gewoon even contact opnemen?

Tot mijn plezier vonden ze bij Fjällvila Trail-Addicts ook een tof platform, en voor ik het wist kregen we een mailtje terug: “Natuurlijk, neem er eentje mee!”

De eerste test – richting Aínsa

De eer voor de eerste kilometers ging naar Nico. Met zijn camperbus ging hij in de zomer naar Spanje, richting onder andere Aínsa, dat waanzinnig mooie mountainbikegebied aan de zuidkant van de Pyreneeën. Een ruige regio vol trails, stof, zon en eindeloze vergezichten — precies het terrein waar zo’n tent zich moet bewijzen.

De eerste indruk? Positief. De UppTäcka valt direct op door z’n platte vorm.
Dat is niet alleen mooi, maar ook praktisch: minder luchtweerstand, minder brandstofverbruik, en geen windgeruis dat je er onderweg gek van wordt.

En dan het opzetten: je klikt een paar stevige klemmen los, geeft de bovenkant een duwtje, en hoppa! — de gasveren doen de rest. Binnen enkele seconden ontvouwt de tent zich bijna volledig vanzelf. Alleen nog de luifeltjes spannen, en je bent klaar om te slapen.
Als je ooit hebt lopen worstelen met tentstokken, scheerlijnen en regenbuien, dan voelt dit als pure magie.

Van Spaanse zon tot onverwachte regen

Tijdens die eerste trip bleek ook meteen hoe handig het concept is.
De binnenzijde is volledig te verduisteren — met de stoffen raamluiken dicht is het echt pikdonker, ideaal als je even wilt uitslapen of als de zon je ’s ochtends al om zes uur in het gezicht prikt.
En mocht het gaan regenen (wat in de bergen zomaar kan gebeuren), dan kun je alle schermen gewoon van binnenuit bedienen.

De buitenkant is gemaakt van dik ripstop polykatoen, waterdicht tot 3.000 mm, en het dak is zelfs bestand tegen 5.000 mm regen. De metalen hardcover beschermt het geheel onderweg en klapt dankzij die gasveren soepel open. Middels een speciale band trek de je daktent ook gemakkelijk weer dicht. Je moet links en rechts nog wel even het doek goed naar binnen duwen.

Binnenin zit een LED-strip die draait op een powerbank, zodat je ’s avonds wat licht hebt zonder met kabels te hoeven prutsen. Simpel, maar handig.

Het matras-moment

Oké, eerlijk is eerlijk: het matras is misschien het enige puntje van kritiek.
Zoals bij veel daktenten is het nét iets te dun om écht comfortabel te zijn.
Je ligt goed, maar niet fantastisch. Wij hebben dat opgelost met een inflatable matje dat er gewoon in kan blijven liggen. En dat maakt serieus het verschil tussen “best te doen” en “heerlijk slapen”.

De tweede ronde – samen op pad

Een maand later besloten we de tent over te zetten op mijn eigen transporter voor een echte mountainbike-roadtrip.
Mijn bus is bewust maar op één persoon ingericht — niet uit minimalisme, maar omdat ik snurk als een malle. Dus: Nico in de daktent, ik beneden. Zo slapen we allebei een stukje beter 😉

Met de UppTäcka bovenop en de fietsen in de bus gingen we plankgas naar Spanje.

We zochten de bergen op boven Aínsa, over een stoffige, rotsige piste. De 4Motion klom met gemak omhoog, en de tent bleef rotsvast zitten. Boven vonden we niet direct een plek om te slapen, maar het uitzicht was de moeite waard. De foto’s spreken voor zich.

Op de terugweg zagen we een verhoogde waterberm net iets te laat… dikke bonk in de dorpel. Tja, dat hoort erbij, negeren en door. De daktent zat gelukkig nog op zijn plek, want de klap was best hard…

Gebruiksgemak en looks

Wat we het meest waarderen aan de Fjällvila UppTäcka, naast de eenvoud, is de uitstraling.
Het is een tent die eruitziet alsof hij thuishoort op een Land Cruiser in IJsland, een Defender in de woestijn, of natuurlijk een 4motion Transporter. Strak, functioneel, maar met genoeg design om indruk te maken op de camping naast je.

Hij scoort bij ons:

  • Looks: dikke 10

  • Gebruiksgemak: een solide 8 (geen 10, want die luifeltjes moeten nog even handmatig)

  • Comfort: 7 met het standaard matras, 9 met een extra inflatable matje

Qua gewicht en vorm is hij goed te combineren met middelgrote bussen en SUV’s. De dakdragers moeten minstens 75 kg dynamische last aankunnen — dat is tijdens het rijden. Je lichaamsgewicht telt daar niet in mee, want dat is de statische last (wanneer je stilstaat).

Een Nederlands merk dat het snapt

Wat het verhaal extra leuk maakt, is dat Fjällvila gewoon een Nederlands merk is.
Ze combineren Scandinavische stijl met praktische innovatie. Hun hele lijn draait om eenvoud, duurzaamheid en design zonder fratsen.
De UppTäcka is daar een perfect voorbeeld van: strak aluminium frame, honeycomb-bodem, stevige bevestigingspunten en een ontwerp dat net zo goed past bij een camper als bij een 4×4.

Na meerdere dagen kamperen, mountainbiken, hobbelen over pistes en slapen onder de sterren, kwamen we tot één conclusie:
Deze tent past bij onze manier van reizen. Geen gedoe, snel opzetten, robuust, en gewoon mooi om te zien.

Zonder enige verplichting richting Fjällvila kunnen we eerlijk zeggen: dit is een daktent die je (wij) wíl(len) houden. En dat zegt eigenlijk alles.

Wil je meer weten over deze daktent check: https://fjallvila.nl/


Ainsa MTB zone zero

Aínsa – Een verrassend mountainbike-juweel in de Pyreneeën

Aínsa – een verrassend mooi mountainbikegebied

Dat je lekker kunt mountainbiken in de Pyreneeën is op zich geen verrassing. Maar Aínsa – in de Aragonese uitlopers van de Pyreneeën – heeft nét dat extra karakter: ruiger, wilder, minder platgetreden dan veel Alpengebieden, en met een bijzonder gunstige ligging aan de Spaanse zijde. Dat laatste betekent dat vóór- en naseizoen vaak milder weer biedt dan in de hogere Alpen.

Toch is het verstandig om hoogzomer voorzichtig te plannen: in regio’s zoals Aínsa kunnen temperaturen flink oplopen. Daarom is onze focus vaak op het na de zomer seizoen. Aínsa ligt – zuid-noord bekeken – links onder Andorra, in een bergzone met toppen tussen circa 1.000 en 1.500 meter.

anima zero zona mtb trail

Het dorp

Aínsa is geen piepklein dorpje in de bergen: het heeft voldoende voorzieningen, waaronder zelfs een fietszaak, wat geen vanzelfsprekendheid is in afgelegen bergdorpen. Wij zelf kozen voor kamperen in de buurt — dat past bij onze vrijheid en het buitengevoel, zeker na een lange dag op de bike. ’s Avonds relax je gewoon op de camping plek met een biertje.

Voor wie het maximale uit de regio wil halen, raden we een gids aan. In Aínsa / Zona Zero zijn verschillende aanbieders van shuttles maar let op; deze rijden niet allemaal offroad en hebben vaak beperkte tijdsblokken. Wij hebben geschuttled met www.Trail-Hunters.se (site is binnenkort weer online). Elisa heeft ons de mooiste trails laten zien en zij knallen wel de offroad paden in met de 4×4, veel minder klimmen op de bike dus. 🙂

route bordjes mtb anima

Markeringen

Wat bijzonder is: de routes zijn extreem goed gemarkeerd. Niet alleen in apps zoals Trailforks (Aínsa telt > 1.450 mountainbike-trails) Trailforks+2Trailforks+2, maar ook in de praktijk. Ze dragen internationale mountainbikebordjes met nummers. Je kunt (mits wat oriëntatie) bordjes volgen, wat het navigeren eenvoudiger maakt dan in sommige andere regio’s.

Omdat wij graag technischere trails reden én zoveel mogelijk kilometers wilden doen op een dag, maakten we gebruik van shuttle-service. We gingen met Trail-hunters.se op pad (zij rijden met 4×4 transporter + trailer, ook voor de wat lastigere bergpassen) Tripadvisor. Zo bereik je meer trails, meer variatie, en kun je ‘s ochtends hoger starten.

ainsa spanje

En over gidscommunicatie gesproken: hoewel we dachten dat we dezelfde taal spraken, geraakte we in een grappige miscommunicatie. We vroegen aan Elisa: “Kun je morgen ook shuttlelen?” en zij antwoordde: “Ik ben vrij morgen.” Wij dachten dat ze níét beschikbaar was — maar bleek dat “vrij” hier “beschikbaar” betekent! Uiteindelijk lachten we erom, maar het was een leerzaam moment.

spanje zona zero

Trailvariatie & karakter

Wat ons tijdens het rijden opviel: de diversiteit in ondergrond en stijl is enorm. De regio wordt gedomineerd door grijze, rotsachtige structuren, maar je vindt ook wortelpartijen, los grind, en flow-secties. Soms liggen twee trails vlak bij elkaar en zijn ze toch compleet verschillend in karakter.

Voorbeelden van trails in Aínsa:

  • Santa Ana: een korte route (1,5 km) tussen de Huertas de Cinca en de weg naar Pueyo de Araguás, gemakkelijk te volgen, zowel up als down.

  • Verder zijn er trails als Cruz de la Trinidad, Peñas Cinglas, La Natiella etc. die vaak hoog scoren op Trailforks.

  • In totaal omvat de regio maar liefst ± 1.579 trails, met een enorme verticale en afstandsmatrix.

Seizoen, weer & beperkingen

Een groot voordeel van Aínsa ligt in het klimaat: in de wintermaanden kan het overdag nog rond de 15 °C zijn, vooral in de lagere delen. Alleen februari is vaak mistiger, mede doordat Aínsa in de nabijheid van rivieren ligt — dat bevordert mist-vorming.

In de zomer kunnen de temperaturen flink oplopen — dus biken in hoogseizoen vraagt strategische planning (vroeg starten, zuidelijke hellingen vermijden). Daarom kiezen veel mountainbikers bewust voor lente of herfst (maart, april, mei, oktober, november) als optimale maanden.

Routeplanning & tips

  • Gebruik Trailforks: de interactieve kaart toont alle trails, de status, moeilijkheidsgraad en foto’s.

  • Zorg voor shuttle of lift: zelfs als je klimkracht hebt, kun je met shuttle meer trails per dag rijden, en je richt je op dalende secties.

  • Boek een lokale gids: zij kennen de beste combinaties, actuele condities en kunnen je veilig begeleiden. Trail-Hunters.se maakt op maat gemaakte trips

  • Inventariseer je wensen vooraf: technisch vs flow, lange afdalingen vs korte, fysiek inspannend vs ontspannen.

  • Wees voorbereid op gemengde ondergronden: stevige banden, goede vering en remkracht zijn gewenst.

Onze ervaring samengevat

Wij reden een mix van technische routes en flowpaden, gebruikten een shuttle om de hoge passen te bereiken en genoten van het contrast met Alpengebieden. De bewegwijzering, de diversiteit en de natuurlijke omgeving maakten het tot een van onze meest memorabele MTB-tripjes.

Als je een minder “standaard” mountainbikebestemming zoekt, biedt Aínsa dat nét andere — ruige rotsen, verrassende paden, minder druk en een sterke lokaal-organisatie. Zet het zeker op je lijstje!


Thomas Genon laat drie stijlen van mountainbiken samensmelten in epische nieuwe film

Thomas Genon – Drie stijlen, één passie

Belgisch mountainbike-icoon Thomas Genon laat opnieuw zien waarom hij tot de absolute top van de internationale MTB-scene behoort. In zijn nieuwste film brengt hij drie unieke stijlen van mountainbiken samen – van pure freeride tot park flow en creatieve slopestyle-lijnen.

De productie is een ode aan de diversiteit van onze sport: rauw, stijlvol en met een cinematografische touch die alleen rijders van dit kaliber kunnen neerzetten. Genon nodigt een groep van Europa’s beste riders uit, waaronder Kade Edwards, Emil Johansson, Szymon Godziek, Louis Reboul, Marcin Rot, Nico Vink, Matteo Iniguez en Emric Schneeberger.

Samen nemen ze je mee op een visuele trip door Frankrijk, Zwitserland en Polen — van Thomas Genon’s eigen compound tot iconische bikeparken als Châtel, Leysin, Morgins en Kudowa-Zdrój.

De video is een showcase van alles wat mountainbiken tegenwoordig is: creativiteit, stijl, amplitude en community. Geen wedstrijddruk, geen grenzen — enkel passie voor de fiets en het terrein.

Een reis door Europa’s meest iconische bike spots

  • Genon’s Compound (Frankrijk) – waar alles begint: zelfgebouwde features, creatieve lijnen en technische precisie.

  • Châtel Bikepark (Frankrijk) – hoge snelheid, grote jumps en typische alpine flow.

  • Leysin & Morgins (Zwitserland) – waar freeride en park-stijl samensmelten; perfecte sculpturen in een alpien decor.

  • Kudowa-Zdrój (Polen) – rauw, bosrijk en vol karakter, met een Oost-Europese twist aan de freeride-scene.

Waarom je deze video moet zien

Deze film is meer dan een compilatie van tricks — het is een eerbetoon aan de evolutie van mountainbiken in Europa. De beelden zijn spectaculair, maar het is vooral de vibe tussen de rijders die het memorabel maakt.

Of je nu houdt van dikke freeride drops, speelse slopestyle-lijnen of flowy park runs: dit is de ultieme mix.


Mijn eigen berg in Nederland

Mijn eigen berg in Nederland

Soms zit je gewoon een beetje te filosoferen over van alles en zo komt er dan bij mij regelmatig binnen: Een eigen bikepark, hier in Nederland, dat zou vet zijn! En nee, je moet dit verhaal niet al te serieus nemen. Dit werkelijk tot uitvoer brengen lijkt echt onmogelijk, maar waar praten we dan precies over?

We hebben natuurlijk best wat bikepark(jes) in Nederland, maar allemaal zonder “echte” hoogte meters. Nu snap ik ook wel dat we hier in Nederland geen Alpen bergen van 2000 meter kunnen plaatsen. Even voor het gedachtegoed: Bikepark Winterberg “the Mother” mag dan op 700+ meter liggen, echter de omgeving ligt op 500 meter. Effectief is het hoogte verschil dus 200 meter.

200 meter, we zijn al best een eindje onderweg

Voor mijn eigen bikepark hier in de Regio, zijn we stiekem al best een eindje onderweg! Als Bikepark Winterberg “slechts” 200 meter hoog is dan moeten we hier op de wal vanaf de rivier een dikke 100 meter omhoog (totaal word het dan 170meter). Stel nou dat we hier ergens op die wal een 100 meter berg zouden neerleggen? Dan kunnen we dus een bikepark maken!!

Wat zou zo’n berg dan kosten?

Oke nu word het spannend! Ik bedoel, 100meter bergje maken, dat moet toch een soort van mogelijk zijn? Laten we de rekenmachine erbij pakken (of vraag het GPT 😉 ) en laten we kijken waar het op neer komt. Ik word al helemaal gek, Crowdfund starten, want wie wil dit nou niet? Kom maar op met die locatie want dit is natuurlijk een toeristen trekker voor de hele regio 🙂 Dit kan niet meer mis gaan.

Aannames:

  • Hoogte h = 100 m

  • Kegels met vaste taludhelling (verhouding verticaal : horizontaal).

  • Volume kegel: V=13πr2h met r de voetstraal.

  • Indicatieve kosten €20–€50 per m³ voor aanvoer, transport, profileren en verdichten (sterk afhankelijk van herkomstgrond, afstand, milieu-eisen).

  • Bodemdichtheid voor massa-inschatting: 1,8 t/m³ (gecompacteerde grond).

  • Oppervlak in hectare: 1 ha=10.000 m2.

Scenario’s

Talud (V:H) Hellingshoek Straal r (m) Volume (m³) Voetoppervlak (ha) Massa (ton) Kostenrange
1:2 (stevig) ~26.6° 200 4.19 mln 12.6 ha ~7.54 mln €84–€209 mln
1:3 (zeer stabiel, landschappelijk)** ~18.4° 300 9.42 mln 28.3 ha ~16.96 mln €188–€471 mln
1:4 (extra flauw) ~14.0° 400 16.76 mln 50.3 ha ~30.16 mln €335–€838 mln

Wat betekent dit in de praktijk?

  • Grondhoeveelheid: je praat al snel over miljoenen m³. Zelfs het “stevig” scenario (1:2) vraagt ~4,2 miljoen m³.

  • Logistiek: bij ~20 m³ per vracht (grote kipper) is dat 200.000–800.000 ritten afhankelijk van het scenario. Transportafstand bepaalt de kosten dominant.

  • Ruimteclaim: voetafdruk van 12,6 ha (1:2) tot 50,3 ha (1:4). Plus extra werkzone daaromheen.

  • Engineering: drainage, geotechnisch ontwerp (zetting/schuifstabiliteit), gefaseerde opbouw, mogelijke kern van grover materiaal, toplaag (teelaarde), erosiebescherming, paden/toegankelijkheid, vergunningen en milieukundige acceptatie van hergebruikte grond.

Totale kosten exclusief de grond – als in de grond waar de berg op komt:

  • Een 100 m hoge, kegelvormige heuvel kost in grove orde:

    • €80–€210 mln (compact, 1:2),

    • €190–€470 mln (comfortabel/stabiel, 1:3),

    • €335–€840 mln (zeer flauw, 1:4).

  • lange-termijn stabiliteit en onderhoudsgemak, reken met 1:3: ~9,4 miljoen m³ grond en €200–€470 mln totaal.

Dus, gaan we het nou doen of niet??

Tja ik denk dat die Crowdfunding actie maar weer gesloten kan worden 😉 470 miljoen euro! Dat is mogelijk wanneer elke Nederlander 26,11 euro overmaakt. Als je het zo schrijft lijkt het weer wat haalbaarder 😀 , voorlopig rijden we maar gewoon op en neer naar The Mother en alle andere mooie Enduro gebieden die we in de regio hebben… Die eigen Berg in Nederland gaat net niet lukken.


Spanje, MTB Clinics, hike and bike, dusty trails

Top 5 MTB winter spots in Spanje

Top 5 winter MTB spots in Spanje

Opzoek naar wat goede winterspots om te gaan mountainbiken deze winter kwam ik per toeval deze video tegen, die, verassend informatief is! Wij merken dat we de zomers vaak erg vol hebben geboekt. Het begint al vroeg in het voorjaar met allerlei sociale (leuke) activiteiten als festivals, feestjes, familie weekenden enz. Dat proces loopt door tot aan de zomervakantie en voor we het weten is het Mountainbike seizoen al weer bijna op zijn einde. Meestal zoeken we in Oktober nog even Erik en Jess op in Verbier, maar dan zijn we eigenlijk weer veel te weinig weg geweest!

Dus opzoek naar mountainbike winterbestemmingen!

De Spaanse eilanden zijn natuurlijk een goede optie, maar alles wat dichterbij is en ook goed te doen is in de winter is natuurlijk welkom. Finale Ligure ook al eens in de Winter gedaan (januari) en daar moet je een beetje geluk mee hebben, het kan daar heel koud en guur zijn. Maar ook Spanje schijnt meer dan genoeg opties te hebben en “Bikepacked by Break the Resistance” hebben daar best een leuke video over gemaakt.

Voor wie niet de hele video wilt kijken, hier heb je de Top 5 MTB winterspots in Spanje:

00:00 Intro 01:14 No. 5: Almendrales 03:10 No. 4: El Sabinar 06:13 No. 3 Riudarenes 09:43 No. 2 Tremp 11:59 No. 1 Ainsa 15:03 Outtro